Hoe vaak moet een preventieadviseur een werkplekinspectie doen?
2 min lezen · Bijgewerkt op 3 oktober 2026
Veelvuldig en systematisch, en minstens één keer per jaar een grondig onderzoek van alle arbeidsplaatsen en werkposten. Daarnaast telkens wanneer werknemers aan verhoogde risico’s worden blootgesteld.
Wat de Codex zegt
Bij de opdrachten van de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk hoort het onderzoeken van de arbeidsplaatsen (art. II.1-6, § 1). De tekst maakt een onderscheid tussen twee soorten onderzoek:
- Veelvuldige en systematische onderzoeken op de arbeidsplaats, zonder vaste frequentie.
- Minstens één keer per jaar een grondig onderzoek van de arbeidsplaatsen en de werkposten.
Daarnaast onderzoekt de preventieadviseur de werkposten telkens wanneer werknemers aan een verhoging van de risico’s worden blootgesteld: op eigen initiatief, op vraag van de werkgever of op vraag van de werknemers.
Wat ‘grondig’ in de praktijk betekent
Een grondig onderzoek gaat verder dan een rondgang. Je bekijkt elke zone en werkpost systematisch: arbeidsmiddelen, orde en netheid, verkeer, brandveiligheid, ergonomie, PBM, gevaarlijke producten en de naleving van instructies. Een vaste checklist per zone helpt om niets over te slaan.
Een ritme dat werkt
- Een jaarplanning waarin elke zone minstens één keer grondig aan bod komt.
- Kortere rondgangen tussendoor, bijvoorbeeld maandelijks per afdeling, samen met de leidinggevende.
- Een extra bezoek na een ongeval, een wijziging in het proces of een nieuwe machine.
Van vaststelling naar bewijs
Een inspectie is pas af als de vaststellingen opgevolgd zijn. Registreer elke vaststelling met een foto, maak er een actie van met een eigenaar en een termijn, en sluit de actie pas af met bewijs. Zo kan je in het jaarverslag tonen welke inspecties gebeurden en wat ermee gedaan werd.
Officiële bronnen
Deze uitleg is algemeen en vervangt de officiële tekst niet. Controleer altijd de geldende versie van de regelgeving voor je eigen situatie.
